Elke dag investeer jij tijd, energie en liefde in jouw lessen om jouw leerlingen te helpen bij de ontwikkeling van zijn, haar of diens executieve functies. Misschien wel zonder dat jij je er bewust van bent.

In ons vorige blog voegden wij nummer twee van magische woorden toe aan onze lijst: differentiatie. Nu zetten wij nummer drie in de spotlights: executieve functies.

Nu denk jij: executieve functies? Iets met de bel en de klepel? Geen zorgen. In dit blog geven wij jou per functie praktische informatie. Wat zijn executieve functies? Hoe versterk jij als docent deze functies bij jouw leerlingen? Wat kun je doen als de executieve functies achterblijven? En zeker iets om te onthouden: hoe zet jij Woots in bij het geven van extra power aan jouw leerlingen?

In het boek ‘Executieve functies bij adolescenten en kinderen’(2019) beschrijven Peg Dawson en Richard Guare in heldere taal en in toegankelijke stijl hun theoretische inzichten en praktische interventies over executieve functies. Hun aanpak beslaat het gehele spectrum: van inhibitie, flexibiliteit en emotieregulatie tot taakinitiatie, werkgeheugen, planning en organisatie. Voor elke vaardigheid geven zij concrete aanwijzingen hoe je deze vaststelt en meet. Daarnaast bieden zij stapsgewijze richtlijnen en uiterst praktische tips om verschillende executieve functies door individuele coaching of klassikale interventies te versterken.

Spoiler alert: Woots biedt jou de ideale ondersteuning in het versterken van een aantal executieve functies. Niet alleen voor je leerlingen, maar zeker ook voor jou als docent. Win-win. Nieuwsgierig? Lees dan vooral verder.

Executieve functies: wat zijn dat?

Executieve functies zijn al die regelfuncties van de hersenen die essentieel zijn voor het realiseren van doelgericht en aangepast gedrag. Met name de frontaalkwab is (voor een groot deel) verantwoordelijk voor executieve functies: functies die je nodig hebt om bewust gedrag aan te sturen.

Voor jou op een rij welke 11 executieve functies Dawson en Guare onderscheiden:

1: Response/gedragsinhibitie is het vermogen om na te denken voor je iets doet.

Is een leerling bijvoorbeeld in staat op zijn of haar beurt te wachten?

Vraag niet om gedrag, maar organiseer gedrag. Het toepassen van uitgestelde aandacht is een goede manier om de leerling te helpen het zelf te doen of aan anderen advies te vragen.

2: Werkgeheugen is het geheugen om complexe taken uit te voeren.

Wat is belangrijk en wat niet? Hoe houd je informatie vast bij het uitvoeren van die complexe taken? Welke informatie moet je echt onthouden en wat is ballast?
Bij de ene leerling is het werkgeheugen groter dan bij de andere.

Met Woots help jij jouw leerlingen hun ietwat chaotische werkgeheugen wat rust te geven. Woots heeft daarvoor een interessante feature: het gebruik van bladwijzers.

Hoe vaak zie jij tijdens het nakijken dat leerlingen een vraag hebben overgeslagen? Een vraag die ze op dat moment even parkeren of een vraag waar ze op een later moment nog even naar willen kijken. Oeps! Toets ingeleverd en vergeten het antwoord nog eens te bekijken of in te vullen. Met Woots is dat voltooid verleden tijd.

Hoe? Een leerling markeert een vraag door op het vlaggetje naast de vraag te klikken. Bij het gegeven antwoord verschijnt dan een stip. Deze stip helpt de leerling herinneren dat hij, zij of hen die vraag nog even bekijkt of invult.

Zo ziet dat er dan uit:

Nog een tip: als een leerling een vraag onbeantwoord laat, dan krijgt deze altijd een melding aan het einde van de toets. Handig!

3: Emotieregulatie is het vermogen om doelen te realiseren, taken te voltooien of gedrag te controleren.

 Gedraagt een leerling zich wel passend bij de situatie?

Leerlingen, maar vooral mensen in het algemeen, zijn geneigd zich soms onbehoorlijk te gedragen. Sta jij net je verhaal te vertellen over de evolutietheorie, tettert Laura door jouw verhaal heen dat ze er helemáál niets van begrijpt. Duidelijk gevalletje van gebrek aan emotieregulatie.

4: Volgehouden aandacht is de kracht om je koppie erbij te houden, ondanks afleidingen, vermoeidheid of verveling.

Jij als docent hebt daar invloed op. Zorg voor afwisseling in je opdrachten, in de opbouw van je les of in het type vragen.

Weten hoe je verschillende vraagtypen in Woots construeert? Check dan deze Premium functionaliteit.

5: Taakinitiatie is de potentie om zonder te dreutelen aan een taak te beginnen en deze ook te voltooien. Efficiënt, op tijd en met opperste concentratie.

Komt een leerling tot werken? Hoe gaat een leerling aan de slag? Hoeveel tijd kost het de leerling om echt aan de opdracht of taak te beginnen?

Geef de leerling een tijdsspanne waarbinnen de taak of een gedeelte daarvan af moet zijn. Daarna volgt de volgende opdracht. Controleer actief of de leerling ook daadwerkelijk is begonnen.

6: Planning/prioritering is de vaardigheid om een plan te bedenken om een doel te bereiken of een taak te voltooien.

Weet de leerling welke taken hij of zij moet doen? Wat komt eerst? Wat maak ik op een later moment? De leerling moet dus in staat zijn om keuzes te maken over wat belangrijk is en wat niet.

In Woots heb jij als docent de mogelijkheid deze keuze voor de leerling te maken. Hoe? Dat lees je hier.

7: Organisatie is de bekwaamheid om dingen volgens een bepaald systeem te arrangeren of te ordenen.

Met andere woorden: overzicht creëren in de chaos. Het puberbrein is als een huis in verbouwing. Elke verdieping staat in brand of heeft last van lekkage. Hoe houdt jouw leerling in zo’n situatie toch overzicht?

Woots blust graag brandjes voor jou en jouw leerlingen. Zet bij het maken van bijvoorbeeld toetsen handige tools in. Zo biedt Woots een digitaal kladblok of een rekenmachine ter ondersteuning. In dit artikel lees je welke andere verschillende opties je hebt bij het afnemen van een digitale toets.

“Het puberbrein is als een huis in verbouwing. Elke verdieping staat in brand of heeft last van lekkage.”

8: Timemanagement is de vaardigheid om in te schatten hoeveel tijd je hebt, hoe je die kunt indelen en hoe je je aan tijdslimieten en deadlines kunt houden.

Krijgt de leerling zijn of haar taken binnen de gestelde tijd en binnen redelijk termijn af? Hoeveel tijd heb je ergens voor nodig?

Tja, leerlingen en plannen. Hopeloos? Niet helemaal. Ze hebben alleen een externe prikkel nodig om zich aan de deadline te houden. Driemaal raden wie ze deze prikkel geeft. Juist: jij!

Niet alleen tijdens je lessen zorg jij voor een goede tijdsindeling. Ook bij digitaal toetsen in Woots stel jij de tijdslimiet zelf in. Het is mogelijk dat adaptief te doen. Bijvoorbeeld voor leerlingen die recht hebben op extra tijd (dyslexie of andere onderliggende ondersteuningsbehoeften)

Daarnaast leer je leerlingen met geforceerde navigatie niet te lang bij een vraag te blijven hangen. Je voorkomt ook dat ze hun antwoord steeds herzien. De eerst ingeving is immers vaak de juiste. Dit noemen we eenrichtingsnavigatie. De leerling kan alleen vooruit.

Bij een digitale toets kun je die navigatie aanvinken:

9: Doelgericht gedrag of doorzettingsvermogen is de vaardigheid om een doel te formuleren, dat doel te realiseren en daarbij niet afgeleid of afgeschrikt te worden door andere behoeften of tegengestelde belangen.

Gaat de leerling doelgericht te werk? Weet een leerling met welk doel hij een taak uitvoert? Hoe houdt de leerling dat doel voor ogen?

Het is belangrijk dat jij het goede voorbeeld geeft. Benoem in je lessen het nut van de taak of opdracht. Stel vragen. Wat leer je ervan? Hoe helpt het jou in het verbeteren van je vaardigheden of kennis? Waarom leer je dit?

10: Flexibiliteit is de vaardigheid om plannen te herzien als zich belemmeringen of tegenslagen voordoen, zich nieuwe informatie aandient of er fouten gemaakt worden.

Hoe flexibel is de leerling? Hoe gaat hij, zij of hen om met veranderingen? Wat doet de leerling als hij, zij of hen een fout maakt?

Onderwijs is elke dag anders. Dat betekent dat jij als docent ook uiterst flexibel bent.

Woots biedt jou de mogelijkheid te spelen met die flexibiliteit. Jij bepaalt wanneer de leerling zijn, haar of diens toets maakt. Zit de leerling in quarantaine? Je stelt eenvoudig en snel het nieuwe afnamemoment in. Hoe? Dat doe je zo!

11: Metacognitie is de capaciteit om een stapje terug te doen om jezelf en de situatie te overzien, om te bekijken hoe je een probleem aanpakt.

Kan een leerling denken over zijn of haar denken? Is een leerling in staat te kijken naar zichzelf? Kan de daarna leerling zijn handelen, gedrag of manier van werken aanpassen?

Goed om te weten: metacognitie is één van de interventies van het NPO.

Zo staat het op NPOnderwijs.nl: Metacognitie en zelfregulerend leren

Jij als docent kijkt dagelijks in de spreekwoordelijke spiegel: jouw leerlingen zijn de ideale confrontatie met wie jij bent. Als mens en als docent. Dat doen leerlingen tijdens jouw dagelijkse lessen, maar ook in Woots geef jij leerlingen de gelegenheid om met jou te chatten over bijvoorbeeld hun gemaakte toets. Jij hebt controle over wanneer zij contact met jou hebben. Hoe? Dat lees je hier.

Lesgeven vereist dat jij beschikt over het vermogen om complexe taken tot een goed einde te brengen. Om in te schatten wat belangrijk is en wat niet. Om ruimte en tijd te maken voor  de essentie van jouw vak: jouw leerlingen. Woots helpt jou tijd winnen. Woots je werkgeheugen en bespaar zo kostbare tijd.